Home > VMBO > VMBO Groen Eindhoven > Onderwijs > Concept 'Aktief'
Op onze school worden vakken zoveel mogelijk geclusterd in
leergebieden. Binnen deze leergebieden wordt in de onderbouw
thematisch gewerkt en in de bovenbouw rondom concrete en herkenbare
beroepssituaties. Deze beroepssituaties hebben betrekking op
de vier “groene” contexten waaruit de leerling kan kiezen. Deze
vier contexten (praktijkrichtingen) zijn:
- Leefomgeving en recreatie
- Dier en zorg
- Voeding en welzijn
- Ontwerp en creatie
In onze school passen wij het AKTIEF leren toe. AKTIEF staat voor:
De inhoud van het onderwijs wordt op een nieuwe manier
gerangschikt, waarbij de algemeen vormende vakken verbonden worden
met de praktijkvakken. Uitgangspunt hierbij is dat de inhoud van de
algemeen vormende vakken effectiever kan worden geleerd door de
herkenbaarheid van onderwerpen en thema’s van de praktijkvakken. Zo
zal bijvoorbeeld het leren en begrijpen van de stelling van
Pythagoras minder abstract worden doordat de berekening bij de
praktijkvakken wordt toegepast.
Leeractiviteiten hebben duidelijk omschreven leerdoelen en voldoen aan de kerndoelen of exameneenheden.
Binnen de leergebieden wordt door docenten en leerlingen
intensief samengewerkt.
“Waar ben ik goed in of waarin wil ik mij verder ontwikkelen.”
Bij het AKTIEF leren speelt de computer een belangrijke rol. Een groot deel van de leerstof en de planning worden hierin aangeboden. Daarnaast kan elke leerling zichzelf toetsen of de leerstof en/of competenties voldoende worden beheerst. Bij competenties gaat het niet alleen om het opbouwen van kennis en inzicht, maar gaat het ook om vaardigheden en de juiste werkhouding. Om de ontwikkeling van AKTIEF leren te steunen, krijgt elke leerling een eigen laptop in bruikleen.
De doelmatigheid waarmee een leerling een werkopdracht bij een leeractiviteit uitvoert. Hierbij komen zelfrespect, zelfgevoel en kwaliteit aan de orde.
Naast het leren van vaardigheden en gewenst gedrag is ook het
verwerven van kennis en inzicht essentieel. Bovendien moet leren
zoveel mogelijk leuk en aantrekkelijk zijn om de leerlingen te
motiveren.